Viering voor thuis – Blijf niet naar de hemel kijken

Hemelvaart is als christelijk feest wat stiefmoederlijk bedeeld. We houden het alleen als vrije dag in ere. En dat is best jammer, vindt ds. Aries van Meeteren. Want de tekst van Lucas bevat, voor wie het wil zien, een boodschap voor wat tegenwoordig wel heet ‘het nieuwe normaal’. Luister hier de viering of lees de tekst direct onder de player.

Online-viering Kerk met de Beelden, week 21

Welkom bij weer een nieuwe online-viering van de Kerk met de Beelden. Fijn dat je luistert. Voor we beginnen steken we als altijd een kaars aan. Een beeld voor de lichtende aanwezigheid van God. En misschien ook wel die van onszelf, zoals Mark Boog dicht.

(Foto: Wallpaper Flare)

De wereld brandt zoals wij branden.
Dit stenen landschap wordt geweld
aangedaan. Het breekt, brokkelt, barst.
Boven de horizon rijzen rookpluimen op.
De geur van verschroeid vlees dringt door
tot in deze kamer, tot in dit bed.
Nog gretiger grijpen we elkaar aan.
De geruchten over volksverhuizingen
langs de grenzen van het rijk raken ons,
raken ze ons? We zeggen van niet,
we zeggen van wel. We kunnen niet
meer doen dan blijven branden, almaar
blijven branden. Kaarsen in kerken.

Mark Boog, Liefde in tijden van brand (2020)

Lieve mensen

Omroep Rijnmond, waar ik drie dagen per week ben te vinden, heeft onlangs de coronamaatregelen van de afgelopen weken met een half jaar verlengd. Dat betekent dat zoveel mogelijk collega’s thuis blijven werken om de redactieruimte leeg te houden. Verslaggevers gaan op pad met extra lange microfoonhengels om de mensen die ze interviewen op anderhalve meter afstand te houden. En elke nieuwslezer en presentator heeft een persoonlijke plopkap gekregen voor de studiomicrofoon. Erg hygiënisch. En we blijven natuurlijk handenwassen en toetsenborden, muizen en telefoons schoonmaken aan het begin van iedere dienst.

Want ja, dat vaccin tegen het coronavirus is er voorlopig nog niet. De ontwikkeling ervan heeft toch meer voeten in de aarde dan de grootste optimisten aanvankelijk dachten.

Ondertussen gaan branches die wekenlang op slot zaten langzaam weer open. Basisscholen en kinderopvang zijn al weer min of meer van start gegaan. Straks volgen de middelbare scholen, de terrassen, musea, bioscopen en het openbaar vervoer. Allemaal nog met de nodige beperkingen, maar toch. En ook kerken maken plannen om de samenkomsten weer op te starten.

We snakken onderhand naar een terugkeer naar normaal. We willen weer het huis uit, winkelen en ergens wat gaan drinken. De eerste vakanties zijn ook al weer geboekt. Wat me opvalt is dat van de anderhalvemeterregel steeds minder terecht komt. Net als van de verplichte looproutes in winkels. We zijn een beetje maatregelmoe aan het worden. Het moet maar weer eens klaar zijn.

Maar denk ik onwillekeurig: Wat is er gebeurd met alle openlijke dromen over een andere samenleving van een paar weken geleden? Met al die gedachten over een reset? Want het normaal waar we nu langzaam weer naar teruggaan is toch ook het normaal van de stikstofcrisis, PFAS, de almaar hetere zomers? Is de tijd voor bezinning nu alweer voorbij?

Foto: Needpix

We zouden toch eindelijk ontdekken dat we best wat vaker thuis zouden kunnen blijven? Minder vaak zouden hoeven reizen voor werk of voor ontspanning? We zouden toch gaan zien dat het best lekker is om minder te hoeven? Tenminste, dat is toch wat de zieners ons voorhielden de afgelopen weken? Sommigen droomden al van meer reflectie, verbinding, meer duurzaamheid. Willen we dat niet meer?

Onwillekeurig denk ik er ondertussen steeds vaker bij: ja maar hoe dan? Het verhaal dat we zo dadelijk gaan lezen kan ons, denk ik, op dit punt een spiegel voor houden.

We lezen Handeling 1, vers 4 t/m 12

Toen hij eens bij hen was, droeg hij hun op: ‘Ga niet weg uit Jeruzalem, maar blijf daar wachten tot de belofte van de Vader, waarover jullie van mij hebben gehoord, in vervulling zal gaan. Johannes doopte met water, maar binnenkort worden jullie gedoopt met de heilige Geest.’ Zij die bijeengekomen waren, vroegen hem: ‘Heer, gaat u dan binnen afzienbare tijd het koningschap over Israël herstellen?’ Hij antwoordde: ‘Het is niet jullie zaak om te weten wat de Vader in zijn macht heeft vastgesteld over de tijd en het ogenblik waarop deze gebeurtenissen zullen plaatsvinden. Maar wanneer de heilige Geest over jullie komt, zullen jullie kracht ontvangen en van mij getuigen in Jeruzalem, in heel Judea en Samaria, tot aan de uiteinden van de aarde.’ Toen hij dit gezegd had, werd hij voor hun ogen omhooggeheven en opgenomen in een wolk, zodat ze hem niet meer zagen. Terwijl hij zo van hen wegging en zij nog steeds naar de hemel staarden, stonden er opeens twee mannen in witte gewaden bij hen. Ze zeiden: ‘Galileeërs, wat staan jullie naar de hemel te kijken? Jezus, die uit jullie midden in de hemel is opgenomen, zal op dezelfde wijze terugkomen als jullie hem naar de hemel hebben zien gaan.’ Daarop keerden de apostelen van de Olijfberg terug naar Jeruzalem. Deze berg ligt vlak bij de stad, op een sabbatsreis afstand.

Nieuwe Bijbelvertalng

We lezen uit het dagboek van Etty Hillesum (12 juli 1942)

“Zondagochtendgebed. Het zijn bange tijden, mijn God. Vannacht was het voor het eerst, dat ik met brandende ogen slapeloos in het donker lag en er vele beelden van menselijk lijden langs me trokken. Ik zal je een ding beloven, God, een kleinigheidje maar: ik zal mijn zorgen om de toekomst niet als even zovele zware gewichten aan de dag van heden hangen, maar dat kost een zekere oefening. Iedere dag heeft nu aan zichzelf genoeg. Ik zal je helpen God, dat je het niet in mij begeeft, maar ik kan van te voren nergens voor in staan. Maar dit éne wordt me steeds duidelijker: dat jij ons niet kunt helpen, maar dat wij jou moeten helpen en door dat laatste helpen wij onszelf. En dit is het enige, wat we in deze tijd kunnen redden en ook het enige, waar het op aankomt: een stukje van jou in onszelf, God. En misschien kunnen we ook er aan meewerken jou op te graven in de geteisterde harten van anderen. Ja, mijn God, aan de omstandigheden schijn jij niet al teveel te kunnen doen, ze horen nu eenmaal ook bij dit leven. Ik roep je er ook niet voor ter verantwoording, jij mag daar later ons voor ter verantwoording roepen. En haast met iedere hartslag wordt het me duidelijker: dat jij ons niet kunt helpen, maar dat wij jou moeten helpen en dat we de woning in ons, waar jij huist, tot het laatste toe moeten verdedigen. Er zijn mensen, het is heus waar, die nog op het laatste ogenblik stofzuigers in veiligheid brengen en zilveren vorken en lepels, in plaats van jou, mijn God. En er zijn mensen, die hun lichamen in veiligheid willen brengen, die alleen nog maar behuizingen zijn voor duizend angsten en verbitteringen. En ze zeggen: Mij zullen ze niet in hun klauwen krijgen. En ze vergeten, dat men in niemands klauwen is, als men in jouw armen is. Ik begin alweer wat rustiger te worden mijn God, door dit gesprek met jou. […]”

Uit: Het verstoorde leven. Dagboek van Etty Hillesum 1941-1943, p. 131-132

Lieve mensen,

Ik heb Hemelvaart altijd een wat merkwaardig feest gevonden. Natuurlijk, het is een fijne vrije dag. Maar verder? Waar draait het om op deze dag? Dat ik er zo’n moeite mee heb, komt door Lucas, de schrijver van het boek Handelingen. Lucas? Die had toch een evangelie geschreven? Dat van het kerstverhaal? Klopt, dat is dezelfde auteur. Lucas en Handelingen waren misschien ooit wel één boek. Er zijn experts die vermoeden dat het ooit te dik was voor één boekrol, waardoor het in twee gelijke delen is verdeeld. Een soort 1 en 2 Lucas dus.

Het is Lucas die met dat verhaal over de hemelvaart komt. Mattheüs schrijft er niets over, Marcus evenmin – hoewel er een latere toevoeging aan zijn evangelie is gemaakt waarin wel sprake is van een hemelvaart – en bij Johannes ontbreekt ook iedere verwijzing. Alleen Lucas vertelt dat Jezus werd ‘opgenomen in de hemel’. Hij doet dat zelfs twee keer: zowel in het evangelie als in het boek Handelingen. En in dat laatste boek gaat het mis, wat mij betreft. Daar schrijft hij erbij dat Jezus werd opgenomen in een wolk. Toen werd het een hemelvaart. Tenminste, in ónze voorstelling. Een soort magisch transport, met een lichte wolkenwagen.

‘Op een lichte wolkenwagen’ (Wie zingt mee nr. 125)

Wat kan Lucas met die hemelvaart hebben willen uitdrukken? Misschien is het goed om te vertellen dat het in de antieke wereld van die tijd geen gekke gedachte was dat bijzondere personen na hun leven met lichaam en al naar de hemel gingen. Het idee was dat de goden hen daarmee beloonden voor hun sublieme leven. Zo’n hemelvaart is van tientallen personen beschreven. En niet van de minsten. Een Romeinse senator zou onder ede hebben verklaard dat hij keizer Augustus na diens dood naar de hemel had zien opstijgen.

Foto: Wallpaper Flare

Kijk, daar hebben we al een eerste clou te pakken van wat het verhaal misschien wil zeggen. Weet u nog dat in het kerstverhaal van Lucas Maria zonder tussenkomst van een man zwanger werd van Jezus? Dat werd ook verteld van de moeder van keizer Augustus. Diezelfde keizer Augustus kreeg destijds allerlei eretitels als verlosser, vredevorst, zoon van God en zijn geboorte zou een blijde boodschap zijn – dingen die Lucas van Jezus zegt. Dan moet Jezus natuurlijk ook net als Augustus naar de hemel opstijgen. Lucas maakt de cirkel rond.

Maar de evangelist doet meer dan het trekken van wat parallellen tussen Jezus en Augustus. Gelukkig maar, want daardoor kunnen wij misschien ook nog wat met dat wonderlijke verhaal op de Olijfberg. Toen ik de tekst van Handelingen 1 weer eens doorlas, bleef ik hangen aan dat ene zinnetje: “Galileeërs, wat staan jullie naar de hemel te kijken?”

Lucas legt de zin in de mond van mannen in witte gewaden. Ze lijken op een soort koor dat commentaar levert op het verloop van de gebeurtenissen. Dat had je vaker in antieke toneelstukken. Misschien zijn het wel dezelfde mannen die Lucas in zijn evangelie opvoert op Paasmorgen in het lege graf, waar ze de vrouwen die zijn komen kijken vragen: “Waarom zoekt u de levende onder de doden?” Het wonderlijke koortje spreekt beide keren niet alleen de karakters in het verhaal toe, maar ook ons.

John Singleton Copley, The Ascension (Foto: Museum of Fine Arts, Boston)

“Wat staan jullie naar de hemel te kijken?”

Je kunt dit lezen als een soort verwijt. Alsof de in het wit geklede mannen zeggen: “Hallo! Wakker worden! Jezus is er niet meer. Blijf niet naar Hém kijken. Ga zelf aan de slag als jullie iets van die betere wereld willen waar Hij het altijd over had.”

Maar ik wil er graag een uitnodiging in horen: Misschien helpt het als je je blik losmaakt en de handen uit de mouwen steekt. Veranderingen gaan niet vanzelf. Reken er niet op dat een ander alles voor je gaat regelen – of die ander nu God is of de overheid. Natuurlijk zijn er heel veel dingen die we niet in eigen hand hebben. Noem het lot, toeval, de loop van het leven. Maar probeer maar uit wat je, gegeven de omstandigheden, zélf of samen kunt doen om je omgeving een beetje mooier te maken.

We kunnen natuurlijk wachten tot de overheid – of wie ook – de nieuwe postcorona-maatschappij voor ons uittekent en bepaalt welke richting het opgaat. ‘Zij gaan daar toch over’, zeggen we dan. En natuurlijk zijn we in veel opzichten afhankelijk van wet- en regelgeving. Maar luidde de slogan niet ooit: een betere samenleving begint bij jezelf?

Foto: Pxhere

Nu gaat het er mij niet om om voor u uit te tekenen wat u moet doen. Dan zou het weer de dominee zijn die het u wel eens even vertelt. De uitnodiging is nu juist: blijf zelf denken. Stop met het staren naar de hemel. Van doemdenken naar doendenken.

De oproep van het tweemans-koor dat Lucas opvoert brengt me die ontroerende passage te binnen uit het dagboek van Etty Hillesum, over wie we het tijdens een themacafé hebben gehad. Op 12 juli 1942 schrijft ze: “Maar dit éne wordt me steeds duidelijker, God: dat jij ons niet kunt helpen, maar dat wij jou moeten helpen en door dat laatste helpen wij onszelf.”

Etty was een joodse vrouw die tijdens de Tweede Wereldoorlog haar gedachten aan het papier toevertrouwde. En die gedachten zijn eerlijk en nietsontziend. Niet ten aanzien van anderen en niet ten aanzien van zichzelf. Aanvankelijk komt er niets uit haar handen. Maar al schrijvend ziet ze in dat ze zelf aan de slag moet met haar leven. Niemand anders doet het voor haar.

Etty Hillesum 1939 (Foto: Joods Cultureel Kwartier)

Hoe ziet ze dat voor zich? Door God aan te boren. Dat is bij Etty de naam voor een kwetsbare kracht die in haar aanwezig is en die haar sterkt om er voor anderen te zijn en de wereld mooier te maken. Een kracht die haar aan haarzelf voorbij leert zien. Is dat niet de geest die Lucas de leerlingen belooft?

Hemelvaart draait niet om een hemel hierboven, lees ik in de woorden van de mannen uit het koor van Lucas. Hemelvaart is een uitnodiging om niet te wachten op anderen, maar hier en nu te doen wat goed is, en zo God te helpen. Niet vanwege de hemel, maar vanwege de aarde, voeg ik daar aan toe.

Amen

Laten we bidden

Trouwe God,
We kijken zo snel naar boven,
naar de baas, de overheid, naar U
als we vinden dat er dingen beter kunnen.
Dat is ook logisch toch?
Vaak is het ook de baas of de overheid
die dingen anders zou kunnen regelen.
Wat kunnen wij nu helemaal doen?
Daar zijn wij toch veel te klein voor.
En toch.
Er is zoveel dat we wél kunnen doen
om onze omgeving een beetje mooier te maken.
Zoveel kleine dingen, kleine gebaren
die zoveel zouden kunnen betekenen.
Etty Hillesum noemt dat U helpen.
Maar daar kunnen wij ook hulp bij gebruiken.
Hulp om te zien wat nodig is,
moed om het te doen.
Geduld en bezinning ook.
Beziel ons met Uw geest
Inspireer ons.
Zo bidden wij U
Amen.

Tot zover weer deze online-viering. Graag sluit ik af met een zegen van de Iona-gemeenschap.

Zegen wens ik je toe,
aandacht wens ik je toe,
dat er mensen zijn
met wie je kunt delen.
Zegen wens ik je toe.

Aries van Meeteren

Related posts

Comments are currently closed.

Top